Het was de kunstroof van de eeuw: de ontvreemding van zeven schilderijen uit de Kunsthal, drie jaar geleden. De daders bleken vier Roemenen met de ballen verstand van kunst. De gestolen werken, met een waarde van enkele tientallen miljoenen euro’s, gingen in rook op – letterlijk. Schrijfster Mira Feticu, van origine Roemeense, wilde aanvankelijk niets weten van de misdaad van haar voormalige landgenoten, maar schreef er toch een roman over, waarin niet de daders maar de vriendin van de hoofdverdachte centraal staat. ‘Natascha sprong gewoon als personage voor mijn neus,’ vertelde ze ons, thuis in Den Haag. En ze vertelde nog meer, over haar jeugd in armoede en eenzaamheid, over woordenstrijd en nuances, over de Nederlandse taal die zo hard is als brons, maar toch inmiddels de hare is geworden.